Daniel 3:13-25

DSV_Strongs(i)
  13 H116 Toen H560 H8754 zeide H5020 Nebukadnezar H7266 in toorn H2528 en grimmigheid H7715 , dat men Sadrach H4336 , Mesach H5665 en Abed-nego H858 H8682 voorbrengen zou H116 ; toen H479 werden die H1400 mannen H6925 voor H4430 den koning H858 H8717 gebracht.
  14 H5020 Nebukadnezar H6032 H8750 antwoordde H560 H8750 en zeide H6656 tot hen: Is het met opzet H7715 , Sadrach H4336 , Mesach H5665 en Abed-nego H383 , dat gijlieden H426 mijn goden H3809 niet H6399 H8750 eert H1722 , en het gouden H6755 beeld H6966 H8684 , dat ik opgericht heb H3809 , niet H5457 H8750 aanbidt?
  15 H3705 Nu dan H2006 , zo H6263 gijlieden gereed H383 zijt H5732 , dat gij ten tijde H8086 H8748 , als gij horen zult H7032 het geluid H7162 des hoorns H4953 , der pijp H7030 H8675 H7030 , der citer H5443 , der vedel H6460 , der psalteren H5481 , en des akkoordgezangs H3606 , en allerlei H2178 soort H2170 der muziek H5308 H8748 , nedervalt H5457 H8748 , en aanbidt H6755 het beeld H5648 H8754 , dat ik gemaakt heb H2006 , [zo] [is] [het] [wel]; maar zo H3809 gijlieden het niet H5457 H8748 aanbidt H8160 ; ter zelfder ure H7412 H8729 zult gijlieden geworpen worden H1459 in het midden H861 van den oven H3345 H8751 des brandenden H5135 vuurs H4479 ; en wie H426 is de God H4481 , Die ulieden uit H3028 mijn handen H7804 H8755 verlossen zou?
  16 H7715 Sadrach H4336 , Mesach H5665 en Abed-nego H6032 H8754 antwoordden H560 H8750 en zeiden H4430 tot den koning H5020 Nebukadnezar H586 : Wij H2818 H0 hebben H3809 niet H2818 H8750 nodig H5922 u op H1836 deze H6600 zaak H8421 H8682 te antwoorden.
  17 H2006 Zal het zo H426 zijn, onze God H586 , Dien wij H6399 H8750 eren H383 , is H3202 H8750 machtig H7804 H8756 ons te verlossen H4481 uit H861 den oven H3345 H8751 des brandenden H5135 vuurs H4481 , en Hij zal [ons] uit H3028 uw hand H4430 , o koning H7804 H8755 ! verlossen.
  18 H2006 Maar zo H3809 niet H1934 H8748 , u zij H3046 H8752 bekend H4430 , o koning H426 ! dat wij uw goden H3809 niet H383 zullen H6399 H8750 eren H3809 , noch H1722 het gouden H6755 beeld H6966 H8684 , dat gij hebt opgericht H5457 H8748 , zullen aanbidden.
  19 H116 Toen H5020 werd Nebukadnezar H4391 H8728 vol H2528 grimmigheid H6755 , en de gedaante H600 zijns aangezichts H8133 H8724 veranderde H5922 tegen H7715 Sadrach H4336 , Mesach H5665 en Abed-nego H6032 H8750 ; hij antwoordde H560 H8750 en zeide H861 , dat men den oven H2298 H7655 zevenmaal H5922 meer H228 H8749 heet zou maken H1768 dan H2370 H8752 men dien pleegt H228 H8749 heet te maken.
  20 H1401 En tot de sterkste H1400 mannen H2429 van kracht H2429 , die in zijn heir H560 H8754 waren, zeide hij H7715 , dat zij Sadrach H4336 , Mesach H5665 en Abed-nego H3729 H8742 binden zouden H7412 H8749 , om te werpen H861 in den oven H3345 H8751 des brandenden H5135 vuurs.
  21 H116 Toen H479 werden die H1400 mannen H3729 H8760 gebonden H5622 in hun mantels H6361 H8675 H6361 , hun broeken H3737 , en hun hoeden H3831 , en hun [andere] klederen H7412 H8752 , en zij wierpen H1459 hen in het midden H861 van den oven H3345 H8751 des brandenden H5135 vuurs.
  22 H3606 H6903 Daarom H4481 H1836 dan, dewijl H4406 het woord H4430 des konings H2685 H8683 aandreef H861 , en de oven H3493 zeer H228 H8752 heet was H7631 , zo hebben de vonken H5135 des vuurs H479 die H1400 H1994 mannen H7715 , die Sadrach H4336 , Mesach H5665 en Abed-nego H5267 H8684 opgeheven hadden H6992 H8745 , gedood.
  23 H479 Maar [als] die H8532 drie H1400 mannen H7715 , Sadrach H4336 , Mesach H5665 en Abed-nego H1459 , in het midden H861 van den oven H3345 H8751 des brandenden H5135 vuurs H3729 H8743 , gebonden zijnde H5308 H8754 , gevallen waren,
  24 H116 Toen H8429 H8754 ontzette zich H4430 de koning H5020 Nebukadnezar H6966 H8754 , en hij stond op H927 H8726 in der haast H6032 H8750 , antwoordde H560 H8750 en zeide H1907 tot zijn raadsheren H3809 : Hebben wij niet H8532 drie H1400 mannen H1459 in het midden H5135 des vuurs H3729 H8743 , gebonden zijnde H7412 H8754 , geworpen H6032 H8750 ? Zij antwoordden H560 H8750 en zeiden H4430 tot den koning H3330 : Het is gewis H4430 , o koning!
  25 H6032 H8750 Hij antwoordde H560 H8750 en zeide H1888 : Ziet H576 , ik H2370 H8751 zie H703 vier H1400 mannen H8271 H8750 , los H1981 H8683 wandelende H1459 in het midden H5135 des vuurs H383 , en er is H3809 geen H2257 verderf H7299 aan hen; en de gedaante H7244 des vierden H1821 H8751 is gelijk H1247 eens zoons H426 der goden.